Overslaan en naar de inhoud gaan

Auteur: Ellen

Marielle Tromp - schrijven met pen

Je hoeft niet te wachten op intrinsieke motivatie van de ander

Toen mijn zoon op de basisschool zat, gingen we naar een ergotherapeute. Ze zei terloops: “Hij heeft een dysgrafisch handschrift, dus denk eraan dat je straks een middelbare school zoekt waar hij mag typen.”

Intrinsiek gemotiveerd

Ik was verbaasd over haar advies en vroeg: “Zullen we eerst kijken of hij beter kan leren schrijven?”

De ergotherapeute gaf aan dat dit alleen kan als hij daar intrinsiek gemotiveerd voor was. 

Het hing volgens haar af van de motivatie van mijn zoon. Daar was ik het niet mee eens. Als hij niet goed zou kunnen rekenen, zouden we hem ook niet laten kiezen of hij dat wilde leren.

Externe en geïdentificeerde regulatie

Dus gingen we aan de slag. Intrinsieke motivatie was er niet, natuurlijk. Maar wij vonden het als ouders belangrijk (=externe regulatie).

Langzaam ging hij van “ik doe het omdat het van mama en papa moet” (externe regulatie) naar “ik snap dat het nuttig is” (geïdentificeerde regulatie).

Wanneer is dit voor jou interessant?

Stel: 
– je bent behandelaar en je wilt zorgmedewerkers meekrijgen in je behandelplan, of 
– je bent ambulant begeleider en probeert een leerkracht te overtuigen een lesmethode anders aan te bieden voor een leerling, of
– je zit in een projectgroep en moet een locatie meekrijgen in jouw project.

Ook dan geldt dat je niet hoeft te wachten op intrinsieke motivatie van de ander. De route is dan niet om het gewoon maar door te zetten (zoals bij mijn zoon). Maar wel geldt dat ‘het moet’ en ‘alleen als jij het zelf ook echt wilt’ polen zijn die een heel eind uit elkaar liggen. Daar ligt een hele wereld tussen waar je invloed op kunt uitoefenen. 

Om deze reden heb ik het in trainingen nooit over intrinsieke motivatie. Die term klopt ook niet.

Daarover schreef ik eerder een artikel, dat nu ook op LinkedIn staat: Lees het artikel op LinkedIn (en heel leuk als je wilt volgen of reageren) Lees je het liever op mijn website? Dat kan natuurlijk ook! 

Hoe het nu met het handschrift van mijn zoon gaat?!

En nog even over de beslissing die we destijds namen: Ieder kind is anders en iedere context is anders. Er was zowel bij onze zoon als bij ons de mogelijkheid om met hem aan te slag te gaan en te oefenen. Daarom wilden we dit een serieuze kans geven. Ik realiseer me heel goed dat dit niet voor elk kind of elke situatie geldt. 

Mijn verhaal gaat over het proces en heeft niet te maken met het resultaat. Maar als je toch nieuwsgierig bent: mijn zoon schrijft prachtig. Gelukkig maar, want hij studeert wiskunde en heeft veel profijt van zijn leesbare handschrift.

Blog Marielle Tromp - Informatie de andere kant op

De tip die in al mijn trainingen terugkomt

Over hoe sprakeloos zijn mij een beetje extra denktijd gaf

Als behandelaar is het soms moeilijk om zorgmedewerkers mee te nemen in jouw behandeling, zeker als er geen concrete hulpvraag is. Dan werkt overtuigen meestal averechts. Maar wat werkt dan wel? Graag geef ik je een tip die in al mijn trainingen terugkomt. 

Als je iemand wil meekrijgen, is de neiging van de meeste mensen die ik ken om informatie te geven. Om uit te leggen, te onderbouwen en goede argumenten te geven. Maar dat is – zeker in een situatie waarin er mogelijk wat weerstand is – precies wat niet goed werkt. 

De oplossing? De informatie moet juist de andere kant op. 

Niet van jou naar de ander. Maar van de ander naar jou. 


Soms kom je daarmee tot verrassende resultaten. 

Een voorbeeld uit de praktijk

Zo’n 10 jaar geleden kwam ik op veel woonlocaties voor mensen met een verstandelijke beperking. Voor de LeefstijlScan liep ik een aantal dagen mee. En in de terugkoppeling gaf ik onder andere wat tips waardoor cliënten meer zouden bewegen in het dagelijks leven. 

Eén van mijn tips was: laat bewoners ’s avonds zelf hun koffie pakken. Dan wordt het langdurig zitten doorbroken. Het leek mij niet zo’n spannende tip, maar één begeleidster werd er boos over. Ze vond het helemaal niets en had daarvoor argumenten die ik niet kon begrijpen. 

Mijn eerste neiging was: toelichting geven. Nog eens uitleggen wat ik bedoelde. Vertellen wat de invloed is van zoveel uren blijven zitten. 


Maar gelukkig was ik een beetje sprakeloos door haar argumenten. En dat gaf precies genoeg tijd om te beseffen: overtuigen gaat hier niet werken. 

Daarom vroeg ik aan haar: 

Hoe kijk jij eigenlijk aan tegen bewegen in de avond? Heb jij het idee dat dit voor hen een goede situatie is? 

Tot mijn verrassing vond ze het geen goede situatie voor de bewoners. Ze vond dat ze veel te weinig bewogen. En ze herinnerde zich dat ze tot een paar jaar geleden elke avond met alle bewoners waren gaan wandelen na het eten en net voor de koffie. Ze had bedacht dat ze dit wel weer konden gaan doen. 

Dit was een nog veel betere oplossing. Elke avond wandelen, in plaats van elke avond zelf koffie pakken. Maar: als ik dit had ingebracht, dan weet ik zeker dat er ook argumenten tegen waren gekomen. Nu hetzelfde argument van een begeleider en dus collega kwam, werd er heel anders naar gekeken. En ze had het al helemaal uitgedacht. 

Informatie de andere kant op

Als je meer focust op ‘informatie de andere kant op’, dan ontstaan er kansen die je niet had voorzien. 

Want het doel is bijna nooit dat jouw advies precies wordt opgevolgd. Het echte resultaat is dat er beweging komt, zo’n beetje de goede kant op. Dat iemand nieuwsgierig wordt. En dat er een stap gezet wordt, ook al is het niet helemaal de stap die jij voor ogen had. 

Dat het balletje begint te rollen is belangrijker dan hoe het rolt. Want als het eenmaal rolt dan wordt het, net als een sneeuwbal, vanzelf groter. 

Kan je wel coachen als iets gewoon moet gebeuren?


Soms hoor ik van behandelaren, aandachtsvelders of ambulant begeleiders: “Ik wil een coachopleiding volgen, want ik vind het zo lastig om anderen mee te krijgen.”


Nu heb ik zelf vele opleidingen gevolgd. Maar het probleem is dat je er bijna altijd leert hoe je iemand helpt naar waar zij zelf naartoe wil. De ander bepaalt het doel, jij ondersteunt en coacht om daar te komen.


Maar ben jij behandelaar, aandachtsfunctionaris of ambulant begeleider? Dan weet je dat het binnen de zorgorganisatie of school waar jij werkt anders gaat. Het ‘probleem’ is dan dat jij weet wat er moet gebeuren. Je wilt anderen graag motiveren en meekrijgen. Maar dan wel in jouw plan.

Coachende vaardigheden anders leren inzetten

Een flink aantal jaar geleden was dat nog niet zo’n groot issue. Als een behandelaar op een woonlocatie kwam en een behandeladvies gaf, werd dat vaak gewoon uitgevoerd. Maar tegenwoordig is dat, om heel veel redenen, vaak anders.

Soms kies je daarom volledig voor de coachende rol. Je volgt het tempo van het team en komt zo langzaam maar duurzaam tot resultaten. Maar soms heb je die tijd niet. Dan moet iets gewoon gebeuren. Vaak wordt dan de vraag gesteld of je wel iets hebt aan die coachende rol. 

Toch heb je juist dan ook veel aan coachende vaardigheden. Alleen zet je ze anders in.

  • Je zet ze niet in op de vraag óf er iets moet gebeuren, want dat moet gewoon.
  • Je zet ze ook niet in op de vraag wát er moet gebeuren, want dat weet je in grote lijnen wel.
  • Maar je zet ze in op de vraag hóe dit gaat gebeuren.

Wanneer coachende vaardigheden écht werken

Voor motivatie is het ontzettend belangrijk dat mensen zelf regie ervaren bij verandering. Als zij geen regie hebben op dát en wát er verandert, doe dan ook niet alsof dat wel zo is. Benut juist de ruimte die er wél is: bij het hoe, de weg ernaartoe. Welke werkwijze past goed bij hen en bij de cliënt? Wat heeft eerder goed gewerkt? Welk tempo is haalbaar? En wat zien zij als de eerste, haalbare stap?

Zo zet je coachende vaardigheden in, ook op momenten dat iets gewoon moet. Daarmee maak je het verschil tussen iets wat in theorie verandert en iets dat in de praktijk ook echt anders gaat.

Herken jij dit?


Herken jij dit en ben je daarom benieuwd hoe dat er in jouw werk uit zou zien? Misschien is de training Coachende Vaardigheden iets voor jouw team of organisatie. Neem dan gerust contact op, dan plannen we een kennismakingsgesprek.