Overslaan en naar de inhoud gaan

Auteur: admin

hoe pas ik de fasen toe in mijn prive leven

“Iets duurzaam veranderen gaat niet van de ene op de andere dag” – persoonlijke voorbeelden (S3/A6)

Quotes uit deze aflevering: 

“Het belangrijkste vind ik het besef: iets veranderen gaat niet van de ene op de andere dag.”

“Het beste waar je uit kunt putten, dat zijn je eigen succeservaringen uit het verleden.”

Wat betekent het denken in de Fasen van Gedragsverandering voor mij persoonlijk? Zet ik dit ook in thuis, bij mijn gezin? En zo ja: op welke manier dan? 

In deze aflevering praten IJlien Havenaar en ik verder. Je hoort:

  • Waarom ik geloof dat je dit ook heel goed in je privé-leven kunt inzetten
  • Hoe ik vertel over het motiveren van mijn oudste zoon om te gaan sporten – en hoe dit voor mij ook te maken heeft met denken in Fasen
  • En hoe het zover kwam dat ik tamme ratjes in huis kreeg…. – hierover schreef ik eerder dit blog >>

Linkjes en informatie

hoe gebruik ik zelf de fasen van gedragsverandering in mijn werk?

Hoe gebruik ik zelf de fasen van gedragsverandering? – In gesprek (S3/A5)

Hoe kwam ik nu zelf in aanraking met de Fasen van Gedragsverandering? Waarom en wanneer gebruik ik ze? Hoe doe ik dat in trainingen met mijn klanten? 

In deze aflevering word ik geinterviewd door IJlien Havenaar. Zij stelt mij bovenstaande vragen. Maar we gaan ook in op:

  • Is dit hetzelfde als Motiverende Gespreksvoering?
  • Hoe past het Oplossingsgericht Coachen hierbij?
  • En welke praktische voorbeelden kan ik delen over hoe mensen een fase verder komen?

Linkjes en informatie

Motiveren in elke fase van gedragsverandering. Hoe doe je dat?

Motiveren in elke fase van gedragsverandering: hoe doe je dat? (S3/A4)

Misschien weet je nu precies in welke fase van gedragsverandering jouw cliënt is. Maar wat dan? Wat is het belangrijkste wat je kunt doen voor jouw cliënt? Hoe kan je hem het beste helpen?

Beluister deze aflevering en ontdek wat per fase jouw focus is.

Linkjes en informatie

Hoe herken je de fase van gedragsverandering van je cliënt?

Hoe herken je de Fasen van Gedragsverandering bij je cliënt? (S3/A3)

Als je met de Stages of Change van Prochaska en DiClemente wilt gaan werken, dan is het belangrijkste dat je ze leert herkennen bij jouw cliënt.

Want: pas als je weet waar iemand nu staat, kan je de juiste tips geven en de best passende tools inzetten.

Daarom deel ik in deze aflevering met je wat de kenmerken van elke fase zijn en hoe je ze herkent bij jezelf of bij anderen.

Linkjes en informatie

De Fasen van Gedragsverandering als denkmodel

De Fasen van Gedragsverandering als denkmodel (S3/A2)

Als je mij wel eens over het thema ‘motiveren’ hebt gesproken dan weet je: ik ben ontzettend enthousiast over de Fasen van Gedragsverandering.

In deze aflevering vertel ik je waaróm dat zo is. En hiervoor maak ik gebruik van een introductie van een online training.

Linkjes en informatie

Effectief aan de slag met de Stages of Change

Effectief aan de slag met de Stages of Change van Prochaska en DiClemente (S3/A1)

Heb je wel eens gehoord van de Stages of Change, maar weet je eigenlijk niet hoe je dit theoretische model inzet in je dagelijks werk? Of gebruik je dit al, maar wil je dit nog beter leren inzetten?

Dan is dit seizoen van de Positief Motiveren podcast voor jou bedoeld.

Want: dit derde seizoen gaat helemaal over de Stages of Change van Prochaska en DiClemente. In deze eerste, korte aflevering vertel ik je wat je dit seizoen kunt verwachten.

Overige informatie

Wil je direct ook praktisch aan de slag? Overweeg dan de FasenWijzer aan te schaffen. Dit is een praktische waaier waarin de verschillende fasen niet alleen staan beschreven, maar je leert ook wat jij kunt doen om je cliënt of collega een fase verder te helpen.

verhuisdozen

Kiezen voor jezelf, of zelf kiezen?

Veel zorgprofessionals hebben het gevoel dat ze een keuze moeten maken. Ze zien er echter maar twee. Wat nu als je je opties kunt verbreden en nieuwe perspectieven kunt toevoegen?

Het was zondagmiddag, het eerste weekend van de herfstvakantie in 2010.

Er zaten nauwelijks enkele minuten tussen de opmerking ‘Wat vind jij van verhuizen?’ en de diepgevoelde beslissing dat dát was wat we gingen doen.

Het was niet makkelijk. Er waren meningen. Van anderen, maar ook van mezelf. Ik vond er van alles van. Stelde mezelf talloze vragen. Ik had er veel last van hoe mensen naar mij keken en van hoe ik naar mezelf keek. Maar ergens onder alle zorgen, afwegingen, reflecties en gepieker zat ook het vertrouwen: het komt goed.

Voor welke keuzes sta jij?

De speltherapeute met tranen in haar ogen omdat ze niet meer weet hoe ze al haar cliënten kan helpen,

de huisarts met een onderdrukte zucht die vertelt dat ze haar praktijk gaat verlaten,

de jonge logopediste die net weer aan het werk is na een lange burn-out door ‘diepe, diepe teleurstelling over de zorg’

en de bewegingsagoog die zo ontzettend terugverlangt naar hoe het eerder was:

Allemaal staan zij voor een keuze.

Kiezen voor jezelf, of zelf kiezen?

Veel mensen die ik in dit soort situaties spreek hebben het gevoel dat ze moeten kiezen tussen 2 opties:

  • Ja of nee.
  • Weg of blijven.
  • Doorgaan of stoppen.
  • En zelfs: ‘kiezen voor jezelf’ en ‘kiezen voor de ander’.

Ik denk dat je je blik kunt verbreden door te onderzoeken welke opties er nog meer zijn.

Het gaat niet om (wel of niet) kiezen voor jezelf. Het gaat om zelf kiezen.

Maar dan wel uit álle mogelijkheden.

Verbreed je opties voordat je kiest

Zorgprofessionals binnen zorgorganisaties ervaren dat ze op een T-splitsing staan. Ze hebben het gevoel dat ze alleen links of rechts kunnen. Want terug is niet mogelijk, die weg bestaat niet meer.

Maar wat zou er gebeuren als je je opties verbreedt…?

Als je nieuwe perspectieven toevoegt aan je keuzes…?

Als je niet meer op een t-splitsing staat, maar ook rechtdoor kan? Of als je zelfs meerdere zijwegen toe kunt voegen… ?

Het kan veel ruimte geven als je bewust opties toevoegt aan je keuzeproces. Denk bijvoorbeeld aan:

  • Voor de komende 3 maanden beslis ik om het zo te doen (en daarna evalueer ik);
  • Ik onderzoek of ik 1 dag per week een andere functie naast mijn baan kan vervullen;
  • Dit najaar neem ik mijn overuren op en werk ik 50%;
  • Ik vraag mijn collega/buurvrouw/moeder/teamleider om met mij mee te denken;
  • Ik kijk niet alleen binnen mijn werk naar meer voldoening, maar juist ook daarbuiten;
  • Ik onderzoek welke andere mindset mij kan helpen bij meer werkplezier;
  • De komende maand neem ik elke dag een kwartier de tijd om te reflecteren op wat er wél goed gaat en fijn is;
  • Ik ga op zoek naar een coach-traject dat bij mij past.

Zelf kiezen gaat je wat kosten

Een keuze maken is nooit makkelijk.

Elke keuze betekent waarschijnlijk dat je iemand tegen zijn schenen schopt, dat iemand zicht beledigd voelt, of tekort gedaan, of in de steek gelaten. Elke keuze zal er ook voor zorgen dat er over je geoordeeld wordt. Iedereen vindt er wel wat van.

Kortom: elke keuze gaat je wat kosten.

Maar: NIET kiezen kost vaak meer

Maar als je NIET zelf kiest, dan kost het je vaak nog veel meer.

Als je niet zelf kiest, dan laat je je bepalen door anderen en hun mening of wensen. Of misschien zelfs door je eigen angst en je eigen meningen.

Dit gaat bijna altijd ten kosten van je eigen (werk)geluk.

Wat zelf kiezen oplevert is een gevoel van regie

Wat zelf kiezen oplevert is altijd een gevoel van controle. Van grip en van regie.

Maar: kiezen hoeft geen grote daad te zijn. Ik roep niet op om grootse beslissingen als verhuizen of ontslag zomaar te nemen. Ik hoop juist dat je ziet dat kiezen zit in je dagelijkse keuzes:

  • In elke dag een kleine, bewuste keuze te maken, zonder te wachten op toestemming van anderen.
  • In elke keer weer kiezen, in plaats van door te kabbelen.
  • In kiezen met het besef dat er mensen zijn die je teleurstelt – welke keuze het ook is.

Juist dit levert je een gevoel van regie op, dat echt bijdraagt aan het plezier in jouw werk én leven.

En onze verhuizing?

Voor ons was verhuizen een zijweg die we nog niet hadden gezien. We zaten in een situatie waar we al talloze oplossingen en routes hadden besproken. Maar deze hadden we zomaar over het hoofd gezien. En opeens was ie er.

Het kwam dus goed. Doordat we onze blik verbreed hadden en kleine acties hadden ingezet om de nieuwe route te onderzoeken.

Het kwam niet zómaar goed, want er waren bezoeken aan een psycholoog, verontwaardigde buren, een boze schooldirecteur en vele dorpsroddels. Maar 4 maanden later reed ik een verhuisauto voor en verhuisden we van het idyllische dorp naar onze ‘worst nightmare’ van een aantal jaren ervoor: een nieuwbouwwijk. Waar ik me – tegen mijn verwachting in – op het moment dat we de sleutel in het slot staken al thuis voelde.

De beste beslissing ooit voor ons gezin. Dat voelden we toen aan alles en voelen we nu nog steeds. Die we konden nemen omdat we buiten de ‘logische’ kaders dachten over de beste oplossing.

Wil jij je perspectief ook verbreden?

Misschien sta jij ook op een t-splitsing. Het kan zelfs zijn dat je het gevoel hebt dat je klem zit. Of dat het idee van een breder of ander perspectief jou zelfs onmogelijk lijkt.

Misschien kan ik je dan helpen.

Het coachprogramma Meer Lol is gericht is op agogen en therapeuten binnen zorgorganisaties. Dit programma helpt je om je perspectief te verbrede en tegelijkertijd (weer) meer resultaat, voldoening en plezier uit je werk te halen. Je volgt het programma gedurende een aantal weken online.

Lees hier meer over het coachprogramma >>

Marielle voor het gebouw van de opleiding fysiotherapie

Als alles hetzelfde is, maar ook totaal anders

Ik was in het gebouw waar ik ooit de opleiding fysiotherapie deed. Alles was hetzelfde, maar ook totaal anders. Ik bedacht me dat dit ook voor het werk van veel agogen en therapeuten geldt.

Vandaag was ik toevallig in Groningen, vlakbij het gebouw waar ik ooit fysiotherapie studeerde. Natuurlijk liep ik even naar binnen.

Ik was verbaasd. Er was zóveel hetzelfde.

Maar tegelijkertijd was alles anders.

Misschien herken je dit gevoel in je werk. Er is veel hetzelfde. Maar tegelijkertijd is alles anders.

Ik maakte er een vlog:

Herken jij dat? Dat je werk er voor een buitenstaander misschien hetzelfde uitziet:

  • Dezelfde organisatie
  • Dezelfde collega’s
  • Dezelfde teamkamer
  • Hetzelfde thema

Maar ondertussen is er zóveel anders:

  • Minder contact met cliënten
  • Meer achter de computer
  • Veel meer wikken en wegen over wat je nu eigenlijk gaat of moet doen
  • Minder duidelijk wanneer je nu ‘klaar’ bent of wanneer je een succesvolle dag had

Als jij dit herkent, dan is misschien het webinar met 8 gouden tips voor meer resultaat, en voldoening en lol met jouw coachende rol iets voor je.

Op dinsdagavond 23 mei doe je (gratis) mee. Je leest er hier meer over >>

sloopkogel als symbool voor de sloop van een zwembad

Toen bewegingsagoog Hans moest gaan coachen

Voor bewegingsagogen die werken binnen woonzorgorganisaties is er de afgelopen jaren veel veranderd. Zo ook voor Hans, die hoorde dat hij moest gaan coachen.

Hans* was verdrietig, boos en gefrustreerd.

Hij zou zich het liefst vastketenen aan het hek voor het zwembad.

Terwijl hij me rondleidde over het terrein van de zorgorganisatie waar hij al bijna 30 jaar voor werkte, wees hij me alles aan. Hij vertelde hoe hij als bewegingsagoog had meegedacht over de inrichting van de sporthal en het zwembad. Hij was er trots op.

En nu werd alles anders

En nu werd alles anders.

Het zwembad ging sluiten en werd gesloopt.

Hij had het er moeilijk mee. Het voelde alsof alles wat hij had gedaan er niet meer toe deed. Alsof zijn vak en kennis er niet toe deed. Alsof hij er niet toe deed.

En dan ook nog een coachende rol

Nu hij besefte dat het zwembad écht ging sluiten wilde hij het liefst bedenken hoe ze als bewegingsagogen op andere manieren met cliënten konden bewegen. Maar zijn nieuwe manager was duidelijk geweest.

Hans en zijn collega’s zouden een andere rol krijgen. Er was voor hen minder tijd om met cliënten te bewegen. Zij zouden meer ingezet worden als beweegcoach.

Ze moesten begeleiders gaan coachen om meer met cliënten te gaan bewegen.

Van bewegingsagoog naar beweegcoach

Hans vond het – op z’n zachtst gezegd – hélemaal niets. “Die begeleiders zijn toch helemaal niet opgeleid voor bewegen?! Daar hebben wij een hele studie voor gedaan!”

De begeleiders die hij had gesproken zaten hier ook niet op te wachten. Hans geloofde niet dat dit ooit een succes zou worden.

Daar kwam nog bij dat hij helemaal niet wist wat hij moest doen. Hij ging wel langs verschillende locaties. Maar hij wist niet wat er nu eigenlijk van hem verwacht werd.

Aan de slag?

Ik was ingeschakeld door een adviseur binnen de organisatie. Zij kende mijn praktische aanpak en ze wist dat ik graag werkte met ‘pioniers’, met mensen die in een rol komen die eerder nog niet bestond. Zij dacht dat ik een klik zou hebben met Hans en zijn collega’s.

We begonnen met een uitgebreid gesprek. Ik keek waar zij als team voor open stonden, in al deze veranderingen. En ik luisterde naar wat ze eigenlijk van mij verwachtten.

Het was duidelijk dat zij zich het meeste zorgen maakten om hun cliënten. Zij wilden graag met mij kijken hoe ze vanuit deze nieuwe rol het beste konden bijdragen aan meer bewegen met cliënten. Ook al hadden ze hun ernstige twijfels over de mogelijkheden.

Fastforward naar een half jaar later

Toen ik het traject met dit team afsloot, zat Hans er heel anders bij.

Hij was nog steeds gefrustreerd over de sloop van het zwembad en had dit – als dat had gekund – zó teruggedraaid.

Maar: Hans zag ook weer perspectief.

In het trainingstraject had hij meer geleerd over coachen. Het was nu voor hem makkelijker om aan te sluiten bij begeleiders op een locatie. Doordat hij anders had leren kijken, zag hij ook meer resultaten. Hij ervaarde weer voldoening, al was dit op een heel andere manier. Door de training had hij een nieuw ritme gevonden bij de invulling zijn werk.

Hij zag dat op sommige locaties cliënten echt vaker bewogen met begeleiders. Hij zag óók dat dit op andere locaties nog niet het geval was, maar accepteerde ook dat dit tijd nodig zou hebben.

Maar het belangrijkste resultaat:

Hij zag dat zijn werk er nog steeds toe deed.

*) Hans heet niet echt Hans. Zijn verhaal is gebaseerd op één van de eerste bewegingsagogen die ik trainde, jaren geleden. Ik heb zijn verhaal in verband met de privacy op details aangepast.

Het verhaal van Hans is overigens niet uniek. In de loop der jaren kregen veel bewegingsagogen te maken met grote veranderingen in hun functie.

een schaal met arabische lekkernijen - zorgen voor of zorgen dat

‘Zorgen voor’ of ‘zorgen dat’

Ik heb een zorg-hart. Ik houd van het werken met zorgprofessionals en binnen zorgorganisaties. Toch ben ik zelf niet zo goed in wat ik zelf ‘verzorgen’ noem. Ik ben persoonlijk het voorbeeld dat je niet hoeft te zorgen voor… om toch te zorgen dat….

Ik ben niet zo heel goed in verzorgen

Vanmiddag was ik op de thee bij een vriendin. Ik maakte er deze foto. Geweldig toch?!

In tegenstelling tot haar ben ik zo goed in ‘verzorgen’. Ik kan niet zo goed langdurig zorgen voor mensen.

Tenminste: in traditionele zin.

  • Als mensen bij mij thuis komen, dan voelen ze zich gelukkig vrij om zelf hun volgende koffie te pakken ;-).
  • Aan het eind van een training zeg ik nogal eens ‘o ja, er was ook nog koek’.
  • Bij de verjaardag van mijn moeder praat ik met de tantes terwijl mijn zusje de catering regelt.
  • Ik houd niet van koken.
  • En mijn kinderen leerden al jong hun eigen was opvouwen.

Maar ik wil wel graag dat het iedereen goed gaat

Dat maakt me niet egocentrisch. Want ik wil heel graag dat het iedereen goed gaat.

  • Staat iemand met volle handen voor een deur? Ik ben al onderweg om hem open te houden.
  • Met liefde was ik er voor een terminaal zieke vriendin.
  • Als mijn kind, man, moeder of vriendin dat nodig heeft, dan laat ik alles uit mijn handen vallen en doe ik wat er op dat moment nodig is.
  • En ik ben weekendpleegouder, maatje van meerdere vluchtelingen en zit in de oudercommisie.

Van ‘zorgen voor’ naar ‘zorgen dat’ vanuit een coachende rol

Dus ik ben echt niet goed in verzorgen. Maar ik ben wel wel zorgzaam. Ik doe dat waardoor het mensen goed gaat. Nu, maar vooral op lange termijn.

Hier heb ik een antenne voor. Ik zie vaak letterlijk voor me wat er nodig is. Ik voel of weet welke kleine of grote actie ik kan inzetten om hen te helpen.

Eigenlijk ben ik dus wel goed in het zorgen voor anderen. Maar dan vanuit een coachende rol. Daarbij:

  • Neem ik niet over – tenzij de situatie daar om vraagt (en eenmalig of gevaarlijk is)
  • Heb ik geleerd om vóór ik in actie kom af te wegen: hoort het of helpt het?
  • Kijk ik wat er op lange termijn nodig is en wat dat betekent voor mijn handelen vandaag
  • En focus ik altijd op het versterken van de ander, zodat deze veerkracht en wendbaarheid ontwikkelt

Van ‘zorgen voor’ naar ‘zorgen dat’, dus.

Wat op de werkvloer wel eens wordt samengevat als: ‘meer op m’n handen zitten’.

Dat betekent niet dat het makkelijk is

Toch heb ik dit wel echt moeten leren. Vooral om dat niet meteen helpen altijd zorgt voor ongemak.

Het voelt fijner om iets maar ‘even’ op te lossen, want dan:

  • Is de ander blij
  • Kan ik zelf een mentale ‘check’ zetten – goed gedaan!
  • En ziet de ander hoe betrokken en behulpzaam ik ben

Helaas leidt zo’n situatie er ook wel eens toe dat de ander daardoor meer afhankelijk wordt. Deze persoon is dan juist eigenlijk niet geholpen, op lange termijn.

Helpt het, of hoort het?

Door me bewust af te vragen:

  • Of ik nu moet helpen,
  • of dat ook echt helpt, ook op de lange termijn,
  • en of ik iemand anders daarmee versterk weet ik of ik ook echt in actie schiet,

bepaal ik wat ik ga doen.

Ik weet of ik iets doe omdat het nu eenmaal hoort. Of omdat het ook echt helpt.

In de loop der jaren ben ik dit steeds vaker en bewuster gaan doen. Hierdoor merkte ik dat ik niet alleen anderen veel beter kan helpen. Maar het wordt ook steeds makkelijker om te bepalen wat bij mij past, waar mijn eigen grenzen liggen. Omdat ik dat haarscherp aanvoel kan ik juist veel méér betekenen voor anderen.

Vaak leidt dat er toe dat ik een wel kleine actie inzet, die onafhankelijk van mij verder rolt en tot resultaten leidt.

Gelukkig zit iedereen anders in elkaar

Overigens ben ik heel blij dat er andere mensen zijn die dit verzorgende wél hebben.

Zo hebben mijn kinderen gelukkig twee ouders die elkaar hierin perfect aanvullen. Hebben mijn zusje en ik een taakverdeling die bij ons past. Zijn er zorgverleners die steengoed zijn in de dagelijkse verzorging van cliënten. En zijn er mensen die heerlijk koken en prachtige hapjes verzorgen bij de thee.

Hoe werkt het voor jou?

Ik ben benieuwd:

Waar herken jij je in? Wordt jij gelukkig van iemand helpen of verzorgen? Of herken jij je in de meer coachende acties?