Overslaan en naar de inhoud gaan
kan jij varen op je eigen kompas?

Kan jij varen op je eigen kompas?

Als voorloper in jouw vakgebied denk je bewust na over wat je doet. Maar dit kost soms veel energie. Hoe zou het zijn als je op elk moment van de dag wéét welke keuzes je kunt maken om het beste te doen voor jouw cliënten?

Je bent een voorloper

Binnen jouw organisatie ben je een voorloper. Je denkt bewust na over de toekomst van je vak. Je beseft dat het niet haalbaar is om het te doen zoals jullie het altijd deden.

Maar aan de andere kant ben je het ook niet altijd eens met hoe veranderingen worden doorgevoerd. Je hebt het gevoel dat het niet altijd de beste keuzes zijn voor cliënten. En dat is waar het je om gaat.

Vol passie, maar soms best alleen

Het nadenken over de toekomst van je vak en je rol binnen de organisatie doe je vol passie. Maar het steeds weer afwegen wat je moet doen en waar je wilt zijn gaat niet vanzelf. Er komt zoveel naast je ‘gewone’ werk, dat je wel twee agenda’s zou kunnen vullen.

Dit afwegen en bepalen wat je wilt doen kost energie. Bovendien vraag je je aan het eind van de week wel eens af: wat heb ik nu echt gedáán? Heb ik eigenlijk wel de juiste keuzes gemaakt? Hierdoor haal je minder voldoening uit je werk en ga je wel eens met een dubbel gevoel het weekend in.

Het is ook lastig dat je collega’s je inspanningen niet altijd begrijpen. Binnen en buiten je organisatie heb je met verschillende mensen gepraat, maar je vindt niet altijd herkenning.

Je staat soms best alleen.

Dit herken ik

Persoonlijk herken ik dit helemaal.

Ik ben weliswaar geen uitvoerende zorgverlener meer. Maar ik moet voortdurend, elk moment van de dag, mijn eigen keuzes maken over wat ik doe. Ik heb veel meer ideeën dan tijd. En ik heb tijden gekend waarin ik met weinig voldoening het weekend in ging. Als ik al vrij was in het weekend.

Ik dacht veel na:

  • Doe ik de juiste dingen om positief bij te dragen aan ‘de wereld’?
  • Doe ik de goede dingen om te zorgen voor een positieve bijdrage aan de zorg?

Er zijn weinig mensen die mij echt begrijpen

Er zijn maar weinig mensen die mij echt begrijpen. Er zijn ondernemers die mijn ‘morele ambities’ niet helemaal snappen. En er zijn vriendinnen die het ondernemerschap niet begrijpen.

Lang voelde dat best eenzaam.

Tot ik op een gegeven moment besloot: dit werkt niet meer.

Ik kan niet kijken naar hoe anderen het doen en hen spiegelen, want mijn werk is anders en ík ben anders. Ik kan mijn werk niet langs de ‘meetlat’ van anderen leggen, omdat ik heel andere ijkpunten heb. En ik kan mijn werkdag en werkweek niet vergelijken met anderen, omdat mijn brein nu eenmaal heel anders werkt.

Het moet anders.

Varen op mijn eigen kompas

Uiteindelijk heb ik in 17 jaar ondernemerschap – met vallen en opstaan – leren varen op mijn eigen kompas. Hierdoor ben ik wendbaar geworden.

Ik weet wat ik belangrijk vind in mijn werk en leven. En hoewel ik mijn route niet helemaal kan (en wil) uitstippelen, weet ik wél waar ik naartoe moet als ik op de eerstvolgende kruising sta.

Dit gun ik jou ook

Dit is wat ik jou ook gun. Want hoe zou het zijn:

  • Als jij weet wat je op elk moment van de dag moet doen?
  • Als je op vrijdagmiddag met voldoening terugkijkt: je wéét dat je de juiste dingen deed.
  • En als dit de dingen zijn die jouw cliënten – nu en in de toekomst – goed en duurzaam gaan helpen?

Heel fijn toch?

Kies ervoor hierin te investeren

Dit gaat niet vanzelf. Als je niets doet verandert er niets.

Aan de andere kant is het niet nodig om álles te veranderen. Zelf volgde ik vele jaren allerlei opleidingen en cursussen op het gebied van persoonlijke ontwikkeling.

Maar ik geloof dat de grootste winst in het eerste stukje zit. De eerste beslissing om je persoonlijke kompas te ontdekken. De eerste stappen die je kunt zetten.

Natuurlijk gaat dit niet vanzelf. Het is nodig dat je een beslissing neemt. Een beslissing om hier tijd in te investeren. Om soms even een stapje achteruit te zetten. Uit te zoomen. Te reflecteren.

Durf jij deze tijd te nemen?

Durf jij deze tijd te nemen? Of laat jij je bepalen door je overvolle agenda…?

je bent niet opgeleid voor het werk waar je ooit voor leerde

Je bent niet opgeleid voor het werk dat je op dit moment doet

Veel mensen zijn niet opgeleid voor het werk dat ze op dit moment uitvoeren. Hun beroep, de titel, is nog hetzelfde. Maar de omstandigheden zijn zó veranderd. Hoe zit dat? En wat kan je doen als je dit herkent?

Jouw beroep ziet er waarschijnlijk heel anders uit dan waar je tijdens je opleiding voor leerde.

Als zorgverlener zie je je vak voor je ogen veranderen. En als je lijkt op de meeste zorgprofessionals dan vind je dit lastig. Want het is geen verandering die is ingezet vanuit vakinhoud. Het is een verandering die nodig is door andere financiering, door personeelstekort of door verandering van visie en beleid van de organisatie waar jij voor werkt.

Het heeft niets met jouw vak te maken. Maar je moet er in mee.

Werkmotivatie

Dit is funest voor jouw eigen werkmotivatie. Want bij motivatie spelen autonomie, competentie en verbondenheid namelijk een grote rol. En zeer waarschijnlijk:

  • Kan jij minder autonoom keuzes maken in je werk. Je kunt het niet volledig doen zoals jij het belangrijk vindt, maar je hebt je (deels) te voegen naar de omstandigheden.
  • Ben jij minder competent. Dat klinkt misschien raar, maar voor je vak zoals het vandaag is, daar ben je gewoon niet voor opgeleid en op voorbereid.
  • Voel jij je minder verbonden. De meeste behandelaren houden van het contact met cliënten. En als je binnen een zorgorganisatie werkt dan vind het fijn om samen met andere voor je cliënten te zorgen. Maar nu heb je waarschijnlijk meer andere taken én minder contact met cliënten.

Het is dan toch niet gek dat jij je wel eens minder gemotiveerd voelt om naar je werk te gaan?

Je staat op een brug die niet af is

Hoe ik jouw positie zie is als iemand die op een brug is gestapt die nog niet af is. Je weet dat je iets hebt verlaten wat je waarschijnlijk helemaal niet wílde verlaten. Maar je weet nog niet waar je naar toe gaat.

Sterker nog: terwijl je op de brug stapte realiseerde je je opeens dat jij degene bent die hem af moet (helpen) bouwen.

De keuze die jij te maken hebt

Volgens mij sta je – op die half gebouwde brug – voor een belangrijke keuze:.

  1. Je kunt proberen terug te gaan naar de situatie zoals deze was.
  2. Je kunt – midden op de brug – gaan zitten en afwachten waar je uit gaat komen.
  3. Je kunt vanuit je eigen visie op dat wat belangrijk is voor jou en je cliënten gaan meebouwen aan de brug.

Wat kies jij?

Optie 1 is in mijn ogen verspilde energie. De wereld verandert elke dag, zoals dat altijd geweest is. Maar nog nooit was een dag precies zoals ie vroeger was. Iedereen groeit en verandert.

Natuurlijk hoort verdriet of rouw om hoe het was er wel bij en dat is zeker geen verspilde energie.

Optie 2 is voor sommige mensen een goede keuze. Jij steekt je energie in je cliënten en in je werk. En ondertussen sta je open voor wat er gebeurt of besloten wordt en ga je hierin mee. Als de brug een stapje verder gebouwd is, zet jij de volgende stap.

Optie 3 is voor andere mensen een goede keuze. Hiervoor hoef je geen voorloper of activist te zijn. Maar je moet wel bepalen wat je eigen visie is. Wat er belangrijk is en wat misschien minder belangrijk voor jouw cliënten. Je leeft de uitdrukking ‘Pick your battles’. Je weet waar je voor gaat en wat je (voor nu) loslaat.

Neem even afstand

Herken jij dat er voor jou een keuzemoment is?

Volgens mij heb je dan al een heel belangrijke stap gezet.

Wat er nu belangrijk is om te doen, is even afstand nemen. Neem de tijd.

Steek niet al je energie aan vasthouden hoe het was. Maar kijk op welke manier jij het meer los kunt laten, op een manier die bij jou past. Hoe je afscheid kunt nemen van waar je al afscheid van kunt nemen. En onderzoek in welke vorm je dingen die je niet los kunt of wilt loslaten kunt meenemen.

Voor veel zorgprofessionals geldt vooral dat zij zich afvragen: hoe kan ik zorgen voor mijn cliënten, nu en in de toekomst? Hoe kan ik doen wat voor hen het beste is?

Ontdekken dat er perspectief is

Als inspiratie:

Onlangs mocht ik een team begeleiden dat in een negatieve spiraal zat. Er was ontzettend veel veranderd en zij waren er als team van overtuigd dat het belangrijk was om weer te kunnen werken zoals zij gewend waren. Ze wisten precies wat er nodig was: een extra medewerker en ander beleid vanuit de organisatie.

We namen de tijd om samen te kijken naar de situatie. Om uit te zoomen en om de ‘kluwen’ van alles wat er speelde te ontwarren.

Het resultaat:

Ze ontdekten hoe veerkrachtig ze zijn als team. Hoeveel ze van elkaar kunnen leren. Op welke manier ze hun werkprocessen kunnen verbeteren. Welke kleine acties ze kunnen inzetten, waardoor zowel de effectiviteit als het werkplezier verhogen.

Ze ontdekten dat er perspectief is.

En ze wisten de negatieve spiraal te keren en weer voorzichtig omhoog te klimmen.

Wat een team!

Mijn werkwijze

Mijn werkwijze bij in deze en in alle andere situaties is altijd gebaseerd op autonomie, competentie en verbondenheid:

  • Ik help je om regie te nemen over je werk en je werkplezier (autonomie)
  • Ik leer je vaardigheden die je nú nodig hebt voor je werk, zoals coachende vaardigheden of andere 21e eeuwse vaardigheden als wendbaarheid (competentie)
  • En ik leer je hoe je dit doet in positieve relatie tot jezelf, je cliënten en je collega’s (verbondenheid).

En jij?

Misschien denk je: voor mij is het heel anders. Want voor mij gaat het om mijn cliënten. Ik wil doen wat het beste voor hen is. Of: Er is niemand die mijn stuk kan overnemen. Het hangt af van mij.

Misschien denk je zelfs: je hebt makkelijk praten!

Weet dan: ik snap je. Ik denk echt niet dat het makkelijk is. Maar ik denk wel dat het nodig is dat je de tijd neemt om na te denken over je situatie. Om na te denken over je werkplezier en de manier waarop jij hier invloed op hebt.

Want we hebben je nodig. Nu en in de komende jaren.

Verschillende hoeden die staan voor de verschillende rollen van een behandelaar

Waarom een coachende rol zo lastig is

Op dit moment krijgen veel behandelaren binnen zorgorganisaties een ‘meer coachende rol’. Maar coachen als behandelaar is lastig. In onderstaande video leg ik uit waarom. Lees je liever? Onder de video vind je de uitgeschreven tekst.

Waarom een coachende rol zo lastig is

Een coachende rol naast je rol als behandelaar kan erg lastig zijn. Ik leg je uit waarom door de traditionele situatie als (intramuraal werkende) behandelaar te vergelijken met de rol die je als coach vervult.

Je rol als behandelaar

Veel mensen die ik in mijn trainingen heb zijn goed opgeleid voor hun rol als behandelaar of therapeut. In het onderstaande plaatje zijn zij de persoon in de roze ring. Zij behandelen samen met collega’s een cliënt. In het plaatje staat deze in de oranje ring.

Hoe je werk als behandelaar er uit ziet

Die collega’s hebben vaak een andere vak. Dit zijn niet alleen mede-behandelaren, maar ook de mensen die dagelijks veel in contact zijn met de cliënt. Bijvoorbeeld begeleiders, verzorgenden of leerkrachten.

Bij een behandelaar kan je denken aan een logopedist, een fysiotherapeut, een ambulant begeleider of een bewegingsagoog.

De blik van een behandelaar is gericht op de cliënt. Als het beter gaat met de cliënt, dan is de behandeling succesvol.

Een behandelaar heeft veel vaardigheden en haar expertise volop in.

Ze heeft vaak ook een duidelijke rol. Soms is een behandelaar zelfs herkenbaar aan bijvoorbeeld kleding. Als ze aan het werk is, dan is dit voor een groot deel in contact met een cliënt.

Je rol als coach

Als je er een coachende rol bij krijgt, dan verschuift er van alles. Jij bent nog steeds de persoon in de roze ring, hoewel je soms iets meer buiten het team kan staan. Maar om iets voor je cliënt te betekenen, moet je je nu richten op een begeleider, verzorgende of leerkracht. Hier in de oranje ring. Dit is iemand die in dagelijks contact is met jullie cliënt.

Uiteindelijk gaat het in je werk nog steeds om de cliënt. Maar:

Jouw blik is nu ook veel meer gericht op de begeleider, verzorgende of leerkracht. Een collega dus. 

Als die anders gaat handelen en dat heeft resultaat op je cliënt, dan is jouw werk succesvol. Je hebt dus veel meer vaardigheden op het gebied van coachen nodig. Natuurlijk heb je jouw vakkennis nog steeds bij je, maar deze kan je niet altijd inzetten.

Je rol is, zeker in het begin, niet altijd duidelijk. Misschien wel voor jezelf, maar niet altijd voor de mensen in het team waar je mee werkt. Deze mensen zijn niet altijd voorbereid op jouw andere rol. Ook voor hen verandert er veel. Dat maakt het extra ingewikkeld.

Als je aan het werk bent dan ben je voor een deel in contact met het team. Maar er zijn ook meer werkzaamheden buiten het team of buiten de locatie. Je bent in ieder geval veel minder in contact met de cliënt. 

Hoe ontstaat deze coachende rol?

Deze coachende rol zie ik al langer bij bewegingsagogen. En nu ook steeds meer bij bijvoorbeeldlogopedisten, speltherapeuten en ambulant begeleiders. 

Soms is dat het gevolg van veranderingen in de visie op het vak. Maar veel vaker het gevolg van organisatieveranderingen.

Wat het lastig maakt

Wat deze rolverschuiving voor veel mensen lastig maakt:

Wat het lastig maakt
  1. Er is (nog) geen voorbeeld. Je stapt ergens in, maar je weet nog niet precies waarin. En heb je dat beeld al wel? Dan kan dat heel anders zijn dan hoe andere mensen binnen jouw organisatie hier naar kijken.
  2. Je hebt andere vaardigheden nodig. Dit gaat om coachende vaardigheden en gespreksvaardigheden waarbij je leert hoe je mensen die niet jouw cliënt zijn kunt enthousiasmeren en mee krijgen.
  3. Doordat je minder contact hebt met je cliënt ervaar je mogelijk minder voldoening uit je werk. Het is nodig om je gevoel van succes en voldoening te her-ijken aan je nieuwe rol.

Meer weten?

Herken jij dit en kan je hierbij wat hulp gebruiken? Misschien kan ik je helpen. Bijvoorbeeld met een training in motiveren en gespreksvaardigheden.

Ben je meer op zoek naar advies voor je organisatie of naar coaching voor de invulling van je nieuwe rol? Neem dan gerust contact met mij op, ik hoor graag van je.

hand die een brief schrijft

Brief aan jou als professional met een coachende rol

Op mijn vorige artikel over ‘coachen voor niet-coaches‘ kreeg ik veel reacties. Veel mensen dacht ik dat ik over hén had geschreven, over hun verhaal. Dat laat zien voor hoeveel mensen dit speelt. Geldt dit ook voor jou en ben je aan het worstelen met jouw nieuwe coachende rol? Dan is deze brief voor jou.

Op verzoek kan je de brief hier downloaden als PDF.

Mijn brief aan jou

Beste professional,

Wat doe je het goed.

Je bevindt je in een functie die verandert. En je probeert te balanceren. Aan de ene kant wil je meegaan in wat er van je gevraagd wordt. En aan de andere kant botst dat met waar jij voor staat. Met je waarden in jouw werk, met jouw morele ambities.

En wat doe je het goed.

Ook al voelt het absoluut niet zo. Het voelt naar. Soms schuurt het een beetje en soms voelt het zo naar dat je het niet meer weet. Het voelt op momenten ook eenzaam. Want misschien heb je collega’s, maar iedereen heeft een andere stijl en andere waarden. Dus jouw issues zijn niet (precies) die van hen, en andersom.

Toch doe je het goed.

Want weet je, we zijn tijdens onze opleiding niet voorbereid op dit soort veranderingen. We werden opgeleid voor de werkelijkheid die er op dat moment was. Maar de wereld verandert, de maatschappij verandert en jouw werk verandert.

Je doet het goed.

Zelf heb ik – waarschijnlijk net als jij – verschillende periodes in mijn leven gehad van (grote) verandering. Voor mij gingen sommige periodes gepaard met eenzaamheid. Toen ik daar middenin zat besefte ik dat niet. Maar het belangrijkste dat ik had willen horen is:

Je doet het goed. Ik zie je. Ik zie je worstelingen. En je doet het goed.

Tegelijkertijd waren deze periodes voor mij niet alleen maar kommer en kwel. Ik deed het ergens voor. Als ik er nu op terugkijk dan kan ik het in perspectief zien. Het waren eenzame en ingewikkelde periodes. Maar ook periodes waarin ik opstond, pionierde en zo goed als maar lukte bleef varen op mijn eigen waarden, terwijl er veel om mij heen veranderde.

Ik besef dat dat allemaal is hoe ik het nu zie. Op het moment zelf had ik geen idee waar ik naartoe moest. Of: hoe.

Dus je ziet het misschien nog niet, maar je doet het goed.

Je bent aan het pionieren. Je moet je rol opnieuw vinden in een wereld waarvan de spelregels onduidelijk zijn.

Welke vraag kan je helpen?

Wat kan helpen is om jezelf de juiste vragen te stellen.

Vaak zie ik mensen handelen en werken vanuit de vraag:

Hoe zorg ik dat het blijft zoals het is?

Zij willen de oude situatie vasthouden. Omdat dit voor hen werkt. Of omdat zij zien dat dit voor hun cliënten een goede situatie is. Deze professionals stoppen dan ook veel energie in het antwoord op de vraag: Hoe zorg ik dat het blijft zoals het is? Vaak zelfs héél veel energie.

Mijn advies is om daar een andere vraag naast te zetten. Een vraag die je nu helpt, maar ook in de toekomst. Want je zult in je eigen werk en leven, maar óók in de wereld, nog heel veel te maken krijgen met veranderingen. Veranderingen waar je het gewoon maar mee te doen hebt, hoe naar ook.

In die gevallen is een behulpzamere vraag:

Hoe ga ik om met deze veranderende situatie?

Begrijp me goed: dat is niet hetzelfde als je er zomaar bij neerleggen dat iets verandert. Maar ik wil je uitnodigen om óók aandacht te besteden aan hoe je omgaat met deze veranderingen.

Wendbaarheid in je coachende rol

Vaak komt het neer op het onderzoeken hoe je wendbaar kunt blijven. Terwijl je keuzes maakt over wat voor jou belangrijk is en waar je voor wilt staan.

Want wendbaarheid, dat is wat je nodig hebt. Ontdekken wat je kunt doen in situaties zoals deze. Waarin je moet pionieren. Waarin de kaders onduidelijk zijn van je coachende rol. Waarin niemand je kan vertellen wat je moet doen. En waarin het aankomt op jou, je waarden, je eigen kracht, je hulpbronnen, je ervaring en jouw eigen rondtollende kompas in een veranderende wereld.

Beste professional, gedreven pionier. Je doet het goed. Er is geen pasklaar antwoord of perfecte oplossing. Dat voelt naar, dat voelt *&#!@! Het komt nu aan op jouw wendbaarheid, jouw flexibiliteit.

Maar je doet het goed.

Liefs, Mariëlle

frustratie bij behandelaar

Waarom je als behandelaar geen coachopleiding wilt volgen

Regelmatig hoor ik van behandelaars die werkzaam zijn binnen woonzorgorganisaties dat zij overwegen om een coachopleiding te doen. Van hen wordt namelijk gevraagd om steeds meer een coachende rol te vervullen. Maar naar mijn mening is een coachopleiding in deze situatie niet altijd de beste oplossing.

Ben jij één van de vele professionals van wie opeens een ‘coachende rol’ gevraagd wordt? Misschien herken jij je dan in het verhaal van Mirjam*.

Mirjam is speltherapeut binnen een zorgorganisatie. Door organisatieveranderingen heeft zij minder tijd gekregen voor de individuele behandeling van haar jonge cliënten. Het is de bedoeling dat zij de begeleiders op de dagbestedings- en woonlocaties gaat coachen om zelf bewuster spel in te zetten gedurende de dag.

Hoewel Mirjam zichzelf ziet als een optimist voelt ze zich nu soms boos, verdrietig en gefrustreerd. Ze haalt veel minder plezier uit haar werk en van voldoening is al helemaal geen sprake. Ze heeft het gevoel dat ze altijd op minimaal 2 verschillende plekken tegelijkertijd moet zijn en dat ze dus altijd iemand tekort doet. En dat ‘coachen’? Daar zitten de begeleiders helemaal niet op te wachten.

Wat nu?

Mirjam overweegt om een coachingopleiding te gaan volgen. Dit is iets waar ze grip op heeft, op haar eigen vaardigheden ontwikkelen zodat ze de begeleiders beter kan gaan coachen.

Ik leg haar uit waarom dit volgens mij niet zal werken.

Waarom dit volgens mij niet gaat werken

Mirjam overweeg een algemene coachopleiding bij een coachinstituut. Ze twijfelt alleen nogal over de tijdsinvestering en ze vraagt zich af hoe ik hier naar kijk, omdat de trainingen die ze bij mij ziet veel korter zijn.

Ik vind coachopleidingen over het algemeen heel mooie trajecten, waarin je veel leert over jezelf én over het coachen van anderen. Deze opleidingen leiden je op voor een vak.

Maar: deze opleidingen zijn meestal niet gericht op het coachen van mensen die hier niet om gevraagd hebben.

Mensen verwachten geen coaching van hun therapeut

Als jij speltherapeut, logopedist, bewegingsagoog of fysiotherapeut binnen een zorgorganisatie bent, dan wordt je vaak ingeschakeld vanwege jouw expertise. Een team of familie verwacht van jou dat jij degene bent die gaat behandelen.

Als jij vervolgens óók een coachende rol blijkt te hebben, dan wordt er iets van het team gevraagd dat zij misschien niet verwachtten en waar ze ook geen tijd voor ervaren.

De rol die jij als therapeut met een coachende rol invult is dus een heel andere als die van een personal coach die een afspraak maakt met een cliënt die iets wil veranderen.

In het kader van de Fasen van Gedragsverandering

stages of change

Als je kijkt naar de Fasen van Gedragsverandering dan zou je kunnen zeggen dat de meeste coachopleidingen je (vooral) opleiden voor het coachen van mensen die enigszins bereid zijn om zelf te veranderen. Deze mensen beseffen al dat er van hen actie wordt gevraagd, of dit nu gaat om nadenken of om echt in actie komen. Zij zullen volop in de overwegende fase of zelfs in de voorbereidende fase zijn.

Maar de teams die bij jou aankloppen zijn niet altijd zover. Ze willen heel graag een oplossing voor hun cliënt. Maar ze zijn – wat hun eigen rol betreft – misschien zelfs nog in de onbewuste fase of hooguit in de overwegende fase.

Wat kan je wel doen?

Mijn advies is om te kijken naar het ontwikkelen van coachende vaardigheden die specifiek passen bij jouw situatie.

Voor Mirjam betekent dit dat zij zoekt naar:

  • Een training in het ‘mee krijgen’ van teams die daar niet om hebben gevraagd;
  • Gericht op het ontwikkelen van vaardigheden om haar coachende rol effectiever in te vullen (in plaats van het aanleren van een nieuw vak als personal coach);
  • Waarin begrip is dat speltherapeut haar vak is en dat de coachende rol hier bij komt (en niet vervangt).

Dit betekent dat je het eerder hebt over een training dan over een opleiding. Het gaat meer over het ontwikkelen van vaardigheden dan over het leren van een nieuw vak.

Samengevat

Ben je op zoek naar een opleiding om jezelf te ontwikkelen of een opleiding tot personal coach? Dan wil ik je van harte stimuleren om coachopleidingen te onderzoeken.

Maar ben jij op zoek naar concrete handvatten om jouw coachende rol als behandelaar of therapeut effectiever in te vullen? Dan is mijn advies om te kiezen voor een training of opleiding die zich hier specifiek op richt.

Natuurlijk ben je van harte welkom bij mijn training Motiveren met de Fasen van Gedragsverandering.

*) De naam Mirjam is fictief. Haar verhaal is gebaseerd op de verhalen en ervaringen van verschillende speltherapeuten en spelagogen die ik heb begeleid.

2 handen die naar elkaar reiken

Als ergocoach je collega’s motiveren

Als ergocoach wil je jouw collega’s graag ‘mee’ krijgen op het gebied van veilig en gezond werken. Maar dat is niet eenvoudig. Hoe kan dat toch? En hoe kan je dit makkelijker maken?

Samen met Ellen Bos ben ik oprichter van de Academie voor Ergocoaching. Samen geven we trainingen aan ergocoaches, waarbij we ons bewust richten op de coachende kant van ergocoaching.

In deze video leg ik uit wat het verschil is tussen een coachende en een adviserende/expert rol als ergocoach:

Wil je meer lezen over motiveren als ergocoach?

Inmiddels schreef ik al een aantal artikelen over ergocoaching:

Kunnen wij je helpen met een training of met coaching?

Misschien ben jij zelf ergocoach en wil je makkelijker leren motiveren. Of misschien ben jij verantwoordelijk voor de scholing van ergocoaching binnen jouw organisatie en ben je benieuwd wat wij voor je kunnen betekenen.

Graag ga ik met je in gesprek. Mail mij of plan een afspraak in mijn agenda via de contactpagina.

afbeelding van gewichten in een sportschool

Ik ben bang dat hij er weer mee stopt (over de actie-fase)

Motiveren met de Fasen van Gedragsverandering, hoe ziet dat er nu uit? In een korte serie artikelen deel ik met je hoe dit kan werken. In dit artikel de actiefase, ook al lijkt het daar niet meteen over te gaan ;-).

‘Het is misschien niet de goede sport voor hem, ik ben bang dat hij er weer mee stopt.’

Aan het woord is begeleider Ali* die ik spreek op een woonlocatie voor jongeren met een licht verstandelijke beperking. In een workshop over motiveren haalt hij het voorbeeld van Joris* aan.

Joris heeft de wens om weer naar de sportschool te gaan. Ali twijfelt of dit een goed idee is.

De ervaring van deze begeleider en zijn cliënt

Ali vertelt dat hij de afgelopen jaren met Joris bij verschillende sporten is geweest. Fitness was duidelijk favoriet. En vorig jaar had dit ook geleid tot een paar maanden sportschoolbezoek.

Ali had met Joris afgesproken dat hij hem zou begeleiden tot hij zelfstandig kon gaan sporten. Samen keken ze naar welke spullen hij in moest pakken, hoe hij er naartoe kon fietsen en hoe het er in de sportschool aan toe ging.

Het had zo’n drie maanden geduurd tot Joris het vertrouwen had dat hij dit zelf kon doen. Ali bouwde toen, zoals afgesproken, zijn ondersteuning af.

Helaas ging het vanaf dat moment ook meteen minder goed met sporten. Na een paar weken ging Joris nauwelijks nog en na een half jaar heeft hij zijn abonnent opgezegd.

Wat deed ik verkeerd?

poppetje in actie en onderweg naar een doel

Ali vraagt zich af: wat deed ik verkeerd in het motiveren van Joris? Hij vertelt in samenvatting het volgende:

  • Hij heeft met Joris veel aandacht besteed aan alle vaardigheden die nodig zijn om naar de sportschool te gaan.
  • Dit was met succes, Joris was in staat om dit zelfstandig te doen.
  • Joris vond het erg fijn dat Ali de eerste tijd zelf óók ging sporten.
  • Hij vond het erg jammer dat Ali niet altijd mee kon. Dit was echter in het team besproken, het was niet mogelijk om dit structureel te doen.

Ali baalt dat hij Joris niet wist te motiveren om te blijven gaan. Het deed hem duidelijk goed, hij was ook buiten het sporten veel actiever geworden. Hij is bang dat een nieuwe poging zal leiden tot nog een teleurstelling.

Langs alle fasen van gedragsverandering

Tijdens de workshop werd duidelijk dat Joris geweldig begeleid was door Ali. Hij door hem meegenomen in alle fasen van gedragsverandering. Aan de overwegende fase (’wil je dit echt?’) en de voorbereidende fase (’hoe zorgen we dat dit voor jou gaat lukken?’) had hij heel veel aandacht besteed en de juiste stappen genomen. Het stagneerde pas in de actiefase.

Samen terugkijkend ziet Ali:

  • Joris vind het niet gezellig om alleen te gaan.
  • Daarnaast heeft hij een stok achter de deur nodig. Er moet een ‘trigger’ zijn in zijn dag of agenda om in actie te komen.
  • En hij heeft behoefte aan een vorm van beloning, zoals iemand die zegt dat hij het goed heeft gedaan.

Leren van de vorige actiefase

Nu we op deze manier terug hebben gekeken naar het proces van vorig jaar komt Ali tot de volgende stappen:

  • Hij gaat in gesprek met Joris. Klopt het wat hij denkt? Wordt het voor hem veel makkelijker als hij samen met iemand kan gaan?
  • Zo ja: zou Joris met iemand anders dan Ali willen gaan? Wie komen hiervoor in aanmerking?
  • En in het geval dat Joris niemand in zijn netwerk kent, gaat Ali op zoek naar andere mogelijkheden. Zoals begeleiding vanuit de sportschool, het sporten met een andere bewoner, met een familielid of een vrijwilliger.

Als Joris en Ali het hierover eens zijn, dan gaan ze samen het sporten weer opbouwen. Nu met minder focus op praktische vaardigheden, maar met oog voor triggers, beloningen én gezelligheid.

De andere fasen van gedragsverandering

stages of change

Ik schreef eerder over:

Binnenkort verschijnt ook een blog over actiefase.

Wil je niet wachten en wil je nu direct meer weten?

*) Het verhaal van Ali en Joris is gebaseerd op een workshop die ik gaf in 2014. Hun verhaal is echt gebeurd, hun namen zijn fictief.

sportschoenen op een rijtje

Maar heb je dan wel goede schoenen? (over de preparatie-fase)

Motiveren met de Fasen van Gedragsverandering, hoe ziet dat er nu uit? In een korte serie artikelen deel ik met je hoe dit kan werken. In dit artikel de fase van voorbereiden, ook wel preparatie of preparation genoemd.

‘Maar heb je dan wel goede schoenen?’

Zelf ben ik bewegingswetenschapper. Maar gek genoeg houd ik niet van sporten. Toch had en heb ik wel periodes dat ik meer sport. Ook hardlopen heb ik een paar keer een tijdje gedaan.

Een paar jaar geleden was het weer het moment dat ik ervoor zou gaan. Ik had een schema gedownload. Ik had m’n agenda bestudeerd voor de goede momenten. Ik zou mijn sportkleding van de bovenste plank halen en ik zou gewoon gaan!

En middenin die voorbereidingen vroeg een cursist in een training:

‘Maar heb je dan wel goede schoenen?’

Ook dat nog

Dan wás ik eindelijk zover. Ik had Een Plan. Ik had er soort van vertrouwen in. En dan bleek er nóg iets te zijn waar ik over had moeten nadenken. Want deze cursist benadrukte hoe ontzettend belangrijk de juiste schoenen zijn. Anders zou ik blessures krijgen.

Ik voelde me echt een amateur tegenover deze cursist, zelf een fanatieke hardloper.

Wat denk jij dat dit met mijn vertrouwen deed…?

poppetje dat een gedragsverandering voorbereid - preparatie fase

De fase van voorbereiding én onzekerheid

Iemand begeleiden in deze fase van voorbereiding (preparatie fase) is meestal leuk. Je cliënt wil écht iets veranderen. Hij is vaak ook op zoek jouw adviezen en expertise.

Houd in deze fase goed in de gaten dat jouw cliënt expert is over zijn eigen leven. Jouw goede adviezen, hoe onderbouwd ook, zijn niet voor iedereen de beste adviezen. Blijf samen onderzoeken wat past bij je cliënt.

Eén van je belangrijkste taken in deze deze fase is dat je jouw cliënt helpt om zelfvertrouwen op te bouwen en te behouden.

En hoe liep het af met mijn schoenen?

De opmerking van deze cursist bracht mijn vertrouwen aan het wankelen. Best gek, want:

  • ik ben opgeleid als fysiotherapeut en bewegingswetenschapper
  • ik ken de zwakke punten van mijn lichaam
  • ik had al bewust besloten om het te doen met wat ik in huis had
  • ik geloofde niet dat ik in de eerste weken met een paar minuten hardlopen een blessure zou oplopen door ‘verkeerde schoenen’, dus beginnen kon sowieso
  • ik had zelfs al nagedacht over (onder andere) schoenen en had besloten dat ik eerst 6 weken aan de slag zou gaan en dán pas (als dat nodig was) zou investeren in goede materialen.

Zelf vond ik het heel opvallend dat ik het nodig had om deze hele rij van argumenten weer bewust op te roepen om die ene opmerking van een cursist weer te neutraliseren.

De preparatie-fase is voor veel professionals de perfecte fase

Over het algemeen vinden professionals deze fase van preparatie een perfecte fase om een cliënt te begeleiden. Je kunt (eindelijk) je vakkennis inzetten. En de kans is groot dat het op relatief korte termijn tot resultaten zal leiden. Dat is niet alleen fijn voor je cliënt, maar ook voor jou. Het zorgt voor veel voldoening om een cliënt in deze fase te begeleiden.

Realiseer je echter wel dat voor sommige van je cliënten het vertrouwen nog wankel is. Focus (ook) op het onderhouden en het versterken van vertrouwen, zodat iemand ook echt in actie wil komen.

Houd voor ogen: jij en je cliënt zijn er nog niet! Want pas hierna komt de actiefase.

De andere fasen van gedragsverandering

stages of change

Ik schreef eerder over:

Binnenkort verschijnt ook een blog over actiefase.

Wil je niet wachten en wil je nu direct meer weten?

balans die de voor- en nadelen van verandering weergeeft

Eigenlijk moet ik het niet doen… (over de contemplatiefase)

Motiveren met de Fasen van Gedragsverandering, hoe ziet dat er nu uit? In een korte serie artikelen deel ik met je hoe dit kan werken. In dit artikel de fase van overwegen, ook wel contemplatie of contemplation genoemd.

‘Tja, éigenlijk moet ik het niet doen. Maar ach, doe maar een klein stukje dan.’

Klinkt dit bekend? Bij de meeste verjaardagen is er wel iemand die dit zegt. Misschien kan je al wel voorspellen wie.

Of misschien herken jij juist:

  • ‘Eigenlijk zou ik vroeg naar bed. Maar voor deze keer ga ik toch mee.’
  • ‘Eigenlijk drink ik deze maand niet. Maar doe maar een klein glaasje.’
  • ‘Eigenlijk zou ik gaan wandelen. Maar vandaag regent het wel heel hard.’

Dit zijn ook sociaal passende reacties die niet altijd betekenen dat mensen echt overwegen iets te veranderen. En soms is het ook een heel goed idee om een uitzondering te maken.

Maar op het moment dat jij iemand begeleidt, dan is dit interessante informatie. Het geeft je informatie over de fase waarin iemand is als het gaat om een gedragsverandering.

poppetje met een weegschaal dat de overwegende of contemplatie fase verbeeldt

De fase van wel én niet willen veranderen

De fase van contemplatie of overwegen is de fase van het wel én niet willen. Iemand wil eigenlijk wel iets anders. Maar wil het ook bij het oude houden.

Iemand wil het wel én wil het niet.

Signaalwoorden maar en eigenlijk

Woorden als maar en eigenlijk zijn een signaal dat je misschien te maken hebt met iemand in de overwegende fase.

Je ziet bijna voor je dat iemand aan het afwegen is. Er zijn redenen om wél te veranderen én er zijn redenen om het niet te doen.

De valkuil in deze contemplatie fase

Een cliënt in deze fase kan veel praten over veranderen. Een valkuil in deze fase is dat jij als professional hierdoor denkt dat jouw cliënt klaar is voor veranderen. Het lijkt een fijn haakje en een natuurlijk moment voor het geven van adviezen. Of zelfs voor het maken van een actieplan.

In veel gevallen leidt dit echter tot heel veel ‘ja-maars’. In dat geval is het belangrijk om te stoppen met adviseren en overtuigen. Het gaat niet werken. Sterker nog: je bereikt alleen maar een tegengesteld resultaat.

Een frustrerende fase

Voor veel professionals is dit een frustrerende fase. Een cliënt beseft dat er een probleem is en denkt ook na over verandering. Maar hij lijkt niet door te pakken of door te zetten.

Voor sommige professionals is het lastig om deze frustratie niet te laten blijken. Want alwéér heeft je cliënt zich niet aan de afspraken gehouden. Of alwéér geeft hij een bezwaar. Zij denken daardoor wel eens dat het nodig is om strenger te zijn richting een cliënt.

Maar besef:

Hoe frustrerend het ook voor jou als professional is, voor je cliënt is dit nog veel frustrerender. Het kost hem over het algemeen veel energie om in deze fase te zijn.

Wat je moet doen (en wat vooral niet) in de contemplatie fase

In deze fase is iemand nog niet klaar om in actie te komen. Hij heeft het wel veel over veranderen, wat je op het verkeerde been kan zetten.

Heb je te maken met een cliënt in deze fase? Geef géén tips en probeer ook niet te overtuigen.

Je kunt je cliënt wel helpen bij het helder krijgen van zijn afwegingen. Wat maakt dat hij wil veranderen? En wat zorgt er juist voor dat hij het juist het oude wil houden?

Het creëren van helderheid is wat op termijn het meest effectief is. Dat betekent dat je in deze fase jouw kennis en ervaring op jouw vakgebied nog maar beperkt kunt inzetten voor deze cliënt.

De andere fasen van gedragsverandering

stages of change

Ik schreef eerder over:

Binnenkort verschijnt ook een blog over de fase van voorbereiden.

Wil je niet wachten en wil je nu direct meer weten?

Mijn mini-voornemens voor 2023

Goede voornemens voor het hele jaar heb ik niet. Ik weet dat dit voor mij niet werkt. Wat wél voor mij werkt is het kiezen van een thema en vervolgens mini-voornemens formuleren. In dit artikel deel ik een aantal voorbeelden met je.

Ik ben niet competitief ingesteld, ook niet naar mezelf. Dus een doel stellen werkt voor mij meestal niet. Soms deed ik dat wel omdat het nu eenmaal zo lijkt te horen. Maar ik ben er achteraf bijna nooit blij mee – of het nu is gelukt of niet.

Bovendien zijn voornemens eigenlijk beloftes aan jezelf. Dat klinkt erg vriendelijk, totdat het niet blijkt te lukken deze belofte te houden.

Want: “Life is what happens to you while you’re busy making other plans.”

Als het niet lukt om je belofte aan jezelf te houden, dan stel je jezelf dubbel teleur.

Een jaarthema in een woord

Voor mij zijn er geen grootse doelen in 2023. Wél kies ik net als elk jaar een thema. Dat thema vat ik samen in een woord. En dit woord verwerk ik op allerlei plekken, zoals het hoofdwachtwoord van mijn wachtwoord-manager, zodat ik het dagelijks een paar keer typ.

Dit woord is geen SMART doel, maar het werkt voor mij als een toetssteen. Als ik een beslissing moet nemen over waar ik mijn tijd aan besteed – privé of in werk – dan denk ik aan dit woord.

Dit woord heb ik niet zomaar gekozen. Het is het resultaat van het terugblikken op 2022, het invullen van Year Compass en een aantal gesprekken met vrienden en sparringpartners.

Daarnaast: kleine haalbare doelen

Daarnaast heb ik wat kleine doelen gesteld. Niet voor het jaar, maar voor de korte termijn. Hierbij kies ik voor doelen waarvan ik vrij zeker ben dat ik ze ga halen.

Hoewel het een beetje voelt als valsspelen, wéét ik dat dit slim is. Want:

  • Een kleine stap gewoon gaan zetten leidt vaak tot het zetten van een volgende kleine stap,
  • Terwijl nadenken over een grote stap meestal leidt tot niets….

Ter inspiratie deel ik enkele van mijn mini-doelen.

Mijn klimaat-mini-voornemen

Net als veel mensen maak ik me grote zorgen over het klimaat. Ik denk oprecht dat we – ook in Nederland – te maken krijgen met problemen die we ons nog helemaal niet voor kunnen stellen. Dit is zo groots, dat het verlammend werkt om echt iets te doen. Daarom kies ik ook hier voor mini-acties. De eerste is:

  • Ik stap over na een andere (duurzame) bank

Dit is voor mij een mini-doel, want ik ben in december al overgestapt naar een andere zorgverzekering. De beslissing is dus al genomen, het is een echte verandering waarmee ik in de fase van voorbereiding (fase 3) ben.

Als ik de Motivatie-Check erop los laat weet ik zeker dat ik dit (1) wil, (2) kan en er (3) klaar voor ben om dat op korte termijn te doen. Het gaat lukken.

Overigens ben ik hiertoe geïnspireerd door 52 weken duurzaam.

Mijn productiviteit-mini-voornemen

Productiviteit gaat niet boven alles, ik vind zelfs dat we er op een aantal vlakken te ver in doorschieten. Maar soms kan je met een kleine investering kan je jezelf echt weken tijd in een jaar besparen.

Zoals bijvoorbeeld met blind typen.

Ik ben dan ook erg blij dat mijn moeder mij rond m’n 11e naar typeles stuurde. Daar profiteer ik elke dag van. Bijvoorbeeld een blog als dit zou er nooit zijn geweest als typen me meer tijd kostte.

typeles in 1988 en in 2017

Op de foto zie je links mij, toen ik ongeveer 11 was. En rechts mijn jongste zoon die aan het Ducktypen is. Andere tijd, beiden een moeder met een sterk idee hierover.

Blind teksten typen gaat dus heel goed. Maar wat ik niet kan is het blind typen van cijfers. Dat heb ik nooit goed geautomatiseerd.

Ook dit is een voornemen waarvan ik dacht dat ik klaar was om actie te ondernemen. Maar vervolgens ontdekte ik dat iedereen dit anders doet. Gaat de 2 nu met je ringvinger of je pink? En typ ik dan mijn 4 met mijn middelvinger of mijn wijsvinger…?

In zulke gevallen weet ik dat het voor mij werkt om een ‘deskundige’ te kiezen en gewoon te doen wat die zegt. Op LinkedIn zag ik Juf Diana steeds in mijn tijdlijn en ik besloot dat zij mijn deskundige werd. Van haar kreeg ik het advies welke letter ik met elke vinger moest typen.

typen welke vinger doet welk cijfer

Mijn iets grotere voornemen is dus dat ik cijfers blind ga typen. En mijn mini-voornemen is:

  • Ik ga mijn wachtwoord (dat cijfers bevat) dagelijks blind typen

Als dat soepel lukt, dan is mijn volgende doel mijn huisnummer en later mijn telefoonnummer. Omdat ik hier al mee bezig ben, beschouw ik dit als een voornemen in de actiefase (fase 4).

Mijn wendbaarheid-mini-voornemen

De laatste jaren is duidelijk geworden dat we in een tijd leven waarin we moeten wennen aan grote veranderingen. We bevinden ons steeds vaker in situaties waarin we niet weten wat we moeten doen. Soms omdat ons dat niet is geleerd, we hebben nog niet de juiste vaardigheden. En soms omdat we de situatie nog niet eerder hebben meegemaakt, we kunnen niet putten uit onze ervaring.

We zijn een brug aan het bouwen van een oude naar een nieuwe tijd. Dit doen we terwijl we al op de brug staan én terwijl we nog niet weten waar we precies naartoe gaan…

Deze veranderingen komen vaak terug in trainingen en coachgesprekken. Cursisten en klanten geven aan: “Wat ik eerder deed werkt niet meer. Wat moet doen, nu ik niet meer weet wat ik moet doen?”

Er is geen ‘one size fits all’ bij verandering. Er is geen goed antwoord. Maar in mijn training en coaching laat ik je zeker niet aan je lot over. Ik help je ontdekken wat er nodig is. En daarna reik ik je een aantal handelingsmogelijkheden aan, waar je zelf uit kunt kiezen wat bij jou past.

Waar ik nog meer aandacht aan wil besteden is persoonlijke wendbaarheid. Dat waar je altijd, in elke situatie op kunt terugvallen als je het niet meer weet, terwijl je trouw blijft aan jezelf.

Dat is een groot thema. Om het weer klein en praktisch te maken heb ik besloten om dit als eerste te verweven in de training Motiveren met de Fasen van Gedragsverandering. Dog steeds best groot, maar leidt tot mijn mini-voornemen:

  • Ik onderzoek binnen welke modules ik aandacht kan besteden aan wendbaarheid

Hier valt je misschien op dat het geen voornemen is met output. Je kunt ‘aan de buitenkant’ niet zien dat er iets is gebeurd. Er is geen zichtbaar resultaat.

Heel vaak is dit echter een uitstekende eerste stap die goed past als je nog niet helemaal weet of en op welke manier je iets wilt doen. Dit is de fase van overwegen, fase 2 van de Stages of Change.

Ook aan de slag met mini-voornemens?

Wil jij ook aan de slag met voornemens waarvan je écht in actie komt?

Kopieer dan vooral niet die van mij of die van anderen. Maar formuleer die van jezelf. Misschien kunnen de volgende vragen je helpen:

  • Er is altijd een achterliggend verlangen. Wat is dat voor jou? En wat ligt dáár weer achter?
  • Wat werkt er voor jou als het gaat om veranderen? Denk daarbij aan eerdere succesvolle veranderingen. Een SMART doel, of juist niet? Een gevoel van competitie of uitdaging, of juist niet? Delen met anderen, of juist niet?
  • Wat is je eerste kleine stap die je kunt zetten? En welke stap is misschien nóg kleiner?
  • Hoe graag wil je dit doen of leren?
  • Hoeveel vertrouwen heb je dat je dit kunt?
  • Wanneer ga je dit doen? Op welke dag, welke tijd en in welke situatie?

Brengt dit je op ideeën? Ik vind het leuk om van je te horen! Mail mij gerust en tag me op Instagram.